Soms google ik mezelf. Niet uit ijdelheid, maar juist omdat ik liever niet te googelen ben, hoe tegenstrijdig dit ook klinkt, omdat schrijvers liefst gelezen worden, ook zondagsschrijvers als ik. Maar, zoals ik laatst al even aankaartte, ik heb soms cliënten die niet altijd even goed de werk-Jet en de privé-Jet uit elkaar kunnen houden, of eigenlijk: niet wíllen houden. Ze verzamelen op obsessieve wijze munitie, slaan die op in hun bovenkamer, en spelen die uit wanneer nodig. Geen leuke mensen, nee, en het zorgt ervoor dat ik me niet langer frank en vrij voel om te schrijven wat ik wil.Maar wat wil nou het geval, elke keer als ik mezelf google, verschijnt er een foto van een meisje met precies dezelfde naam als ik. Maar dit meisje is dood. Al heel lang. Ze werd op 15 november 1908 geboren in Tilburg en stierf op 29 augustus 1931, ze werd slechts 22 jaren oud. Ze wilde graag goed doen in de luttele jaren die haar gegeven werden, lees ik op haar bidprentje, ze gaf zichzelf aan anderen in opofferende liefde totdat haar krachten haar verlieten. Ze had een vlekkeloze en blijmoedige ziel, zeggen haar ouders en de broers en zusters die achterbleven. Het is een mooie eulogie en ik geloof het direct, op het fotootje zie ik een lief en sereen gezichtje.
Vorige week zocht ik op marktplaats naar een oude kaptafel, eentje uit de jaren 30 of 40, liefst nog eerder. Het is een speld in een hooiberg, ja, en alleen nog verkrijgbaar in Frankrijk, maar dat is zo lastig ophalen en verzenden doen ze niet. Om de rommel uit China te ontlopen zocht ik op vintage en dit stuurde mij naar allerhande rariteiten, waaronder, u raadt het al, het bewuste bidprentje. Het werd aangeboden door ene Jet uit 's Hertogenbosch. Ineens wist ik dat dit geen toeval mocht zijn, ik moest dit bidprentje hebben, het had zo moeten zijn, het was het lot (en niet mijn algoritme), wellicht was ik haar reïncarnatie, wellicht was ik de herkansing van deze te vroeg overleden Jetty, maar dan zonder voornoemde kwaliteiten.
De koop was snel gesloten. Brabantse Jet stuurde het prentje naar bovenmoerdijkse Jet en nu staat het op mijn bureau en weet ik niet goed wat ik ermee moet aanvangen.
"God roept mij, Hij weet het best wat ons tot heil verstrekt; met de H. Teresia hoop ik van uit den hemel rozen te werpen in uw rozengaard", zegt mijn naamgenoot. "Dierbare broers en zusjes, vaartwel, omringt vader en moeder steeds met de liefde van een kind. Bidt voor mij."


Geen opmerkingen:
Een reactie posten